DE TANDEN VAN VINCENT VAN GOGH

 
 

Uit de herinneringen van schildersvriend Anton Kerssemakers weten we dat Vincent van Gogh slechts brood en kaas at en als enige luxe van een flacon brandy genoot.Hij zegt daarover in een brief aan "de Groene",gepubliceerd in het Eindhovens dagblad van 14-4-1912, dat het gebeurde dat van Gogh in 6 weken geen vlees at. 

Toen ze eens een tocht wilden maken om samen te schilderen, wilde Toon Kers beginnen met een pot koffie in een uitspanning met een rijkelijk gevulde tafel en met verschillende soorten kaas, ham, boter en beleg zodat ze er de hele dag tegen zouden kunnen. Toon stelde ook voor om suiker in de koffie te nemen. Vincent weigerde echter met de woorden dat hij zichzelf niet wilde verwennen en dat brood en kaas voldoende waren. 

Daarnaast rookte hij veelvuldig zijn pijp en dronk slechte koffie. Dat pijproken zal ook hebben bijgedragen aan de slechte staat van zijn gebit. Voor zijn dames indertijd is dat niet zo appetijtelijk geweest, maar was men in die tijd minder kieskeurig? 

Op zijn  stillevens zien we zowel stenen als houten pijpen die hij indertijd maakte en een flacon brandy. Ook vinden we op een van de stillevens een afbeelding van een apothekerspotje met het opschrift.Cochlear. Het is een enigszins hallucinerend  lepelkruidenaftreksel wat o.a. ook gebruikt werd bij mondslijmvlies ontstekingen. Ook weten we dat van Gogh Copiava-balsum vermengde met zijn verf om inschieten te voorkomen. Verkrijgbaar bij de apotheek maar het werd ook als middel tegen geslachtsziekte gebruikt. 






Zijn medische historie was in elk geval ook niet erg florissant. 

Tijdens zijn omzwervingen in Parijs, Engeland, maar vooral het verblijf in de Borinage en Nederland moet zijn gebit zwaar te lijden hebben gehad. Het samenleven met prostitué Sien was geen vetpot en allesbehalve rooskleurig. En in den Haag had hij zich al moeten laten behandelen tegen geslachtsziekte, wat indertijd o.a. met kwik gebeurde en nare bijverschijnselen heeft en tot vergiftiging kan leiden. 

In Drente leefde hij ook in armoede en is toen naar zijn ouders in Nuenen vertrokken waar hij waarschijnlijk weer even normale kost kreeg totdat hij weer voor zichzelf moest gaan zorgen. Toen moet hij zich wel zwaar verwaarloosd hebben en zijn geld besteedt hebben aan modellen en materiaal i.p.v. fatsoenlijk te eten. 

Vincent maakte zich sowieso zorgen om zijn gezondheid en consulteerde Dr. Karel v.d. Loo en huisarts in de Willemstraat voor zijn vertrek uit deze regio, die hem echter verzekerde dat hij nog een lang leven beschoren was.We weten dat van Gogh zich beter wilde soigneren en hij heeft zich misschien wat ongemakkelijk gevoeld tijdens zijn bezoeken aan de gegoeden in Eindhoven, zoals bij de rijke Anton Hermans thuis en met de uitstapjes die hij met Kerssemakers maakte en zelfs een kostuum aanschafte alhoewel er overal beschreven staat dat Vincent er meestal als een vagebond uitzag. 

Hij vertrok uit Nederland om nooit terug te keren en arriveerde op 24 November 1885 in Antwerpen om daar ongeveer 3 maanden te verblijven. 

Hij had een 3-tal schilderijen, studies en tekeningen voor de verkoop meegenomen en liet verf , 30 doeken en andere schildersspullen door Jan Baijens uit Eindhoven nasturen. Een kamer werd gehuurd voor 25 francs  per maand bij een verfhandelaar in Rue des Image 194. 

Toch bezocht van Gogh in Antwerpen ook 7x Dr. A. Cavanaile in de Rue de Hollande 2 en het ziekenhuis Stuivenberg, Rue des Image en nu  de lange Beeldekenstraat voor zitbaden behandelingen. In het boek "the van Gogh file" van Ken Wilkie wordt beschreven dat Vincent Dr. Cavanaile portretteerde als vergoeding voor het honorarium. Dit volgens zijn nazaten.


 

Als 32-jarige was zijn gebit danig aangetast dat hij vlak na zijn vertrek uit de Eindhoven regio in 1885 zijn gebit moest laten verzorgen in Antwerpen. Dr. G.Knuttel Wzn schrijft daarover: "Hij brengt daar aan zijn werk het offer van al zijn bezittingen, om modellen te kunnen betalen lijdt hij zoodanig honger, dat hem de tanden uit de mond vallen". En de optekening van Dr. M.E. Tralbaut van Vincent van Gogh in de Antwerpse periode: "En in het uiterlijke is het zaak dat ik me wat opknap. Gij zult zeggen dat het met kunst niets te maken heeft misschien en misschien zult ge me gelijk geven! Ik ben doende om bijvoorbeeld mijn gebit weer in orde te brengen. Ik heb niet meer dan 10 tanden die weg zijn of weggaan. En dat is teveel en te hinderlijk en tevens geeft het mij een air van over 40 jaar wat me teveel nadeel doet. Dat heb ik dus besloten op te laten oplappen. Het is een kwestie die mij frs 100 kosten zal, maar kan het nu terwijl ik teeken beter dan op een ander moment, en ik heb mij de kwade tanden laten afknippen, en de helft zooeven vooruit betaald. Tevens is mij toen gezegd dat ik mijn maag moet soigneren." 

Ook schrijft hij: "Ik heb gedacht dat mijn tanden slecht waren om een andere oorzaaken en wist niet dat ik dermate mijn maag had gedetorieerd." 

En: "Alleen het begon mij te verontrusten dat er telkens een tand afbrak. En dat ik er slechter en slechter ging uitzien. Ik geloof dat het herstellen van de tanden op zichzelf al helpen zal, omdat ik meestal pijn in de mond hebbende, ik mijn eten maar zo snel mogelijk naar binnen slikte. En het zal me ook ietwat helpen voor mijn uiterlijk misschien. Wat deze maand betreft, ik heb mijn kamer vooruit betaald (frs 25) voor mijn eten 30 frs vooruit en frs 50 aan den dentist, verder een visite aan de dokter." 

Hij schrijft ook: "Nu zal ik U zeggen over mijn gezondheid. Ik blijf gelooven, dat ik kans heb om bepaald ziek zijn te ontwijken, toch zal ik tijd nodig hebben om mij te redreseeren. Ik heb nu nog 2 tanden bovendien laten plombeeren, dan is mijn bovenkaak, die het meest geambieerd was, weer in orde. Ik moet er nog 10 francs op betalen en dan nog 40 francs om ook de onderste helft in orde te krijgen. Eenige jaren van die bewuste 10 jaar cellulair, die ik ’t voorkomen heb doorgemaakt, zullen hierdoor verdwijnen. Omdat een slecht gebit, dat men tegenwoordig zo zelden meer ziet, waar het zoo makkelijk is te restaureren, iets ingezakts aan de physionomie geeft." 

Gedurende de 2-3 maanden dat hij in Antwerpen verbleef zou hij die  10 tanden laten "knippen”. In de brieven naar broer Theo schrijft hij daarover, brief 453:  "ik zou ook zo geducht graag die karwei aan mijn tanden klaar hebben".  

In de schildersklas van de Koninklijke  Academie voor Schone Kunsten, met directeur  Professor Verlat en docenten Victor Hageman en  Siebert, is een portret van Vincent gemaakt door een mede leerling (A.S.Hatrick) waarbij zijn gebit nauwelijks zichtbaar is en je als in een grot naar binnen kijkt. Volgens zijn medeleerlingen, sliste van Gogh zijn woorden eruit. Het schilderij met de rokende schedel maakte hij ook op de academie. 


28 Februari vertrekt Vincent naar zijn broer Theo in Parijs. 

Het boek van Naifeh–White Smith verhaalt dat Vincent in Parijs zich van een houten kunstgebit zou hebben laten voorzien. Het lijkt onwaarschijnlijk, dat in het decadente Antwerpen of Parijs nog op zo'n primitieve wijze daarmee werd omgegaan daar juist de allernieuwste technieken indertijd werden gebruikt. Ook gezien de kosten die het met zich meebracht. Een slimme drogist, Alexis Duchateau, was al in 1774 begonnen met het gebruik van porseleinen tanden, gemaakt door de porseleinfabriek in Sevres bij Parijs. Einde 19e eeuw was het experimenteren met het inbrengen van porseleinen implantaten al gebruikelijk. 

Voordien maakte men ook wel valse tanden van nijlpaardentanden, die echter snel aan rotting onderhevig waren en ook stonken na verloop van tijd. 

Theo zal hem daarom wel een goede tandarts hebben aanbevolen want Vincent kon zich niet voorstellen levend in kleine restaurants, werkend met verschillende valse tanden.

Theo schrijft zijn moeder: "U zou Vincent niet meer herkennen." Vincent durfde het zelfs aan om zelfportretten te gaan maken. 

Het vervangen van ontbrekende tanden en kiezen is geen nieuw idee. Uit de archeologie is bekend dat o.a. de oude Egyptenaren en de Maya’s al ontbrekende tanden vervingen bijv. met behulp van hout, handgeslepen ivoor en schelpen. Hetzelfde geldt voor de transplantatie van tanden van donoren en gouden/platinum implantaten die in de 19de eeuw werden gebruikt. 

Opmerkelijk te noemen is het feit dat schilders ”vriend" Paul Gauguin, die met Vincent van Gogh enige tijd het "gele huis" in Arles deelde en waarschijnlijk ook de dames aldaar, vertrok naar het eiland Hiva Oa in de stille oceaan en dat in het dorpje waar hij leefde van 1901-1903 er  in een waterput op 2,7 meter diepte 4 tanden gevonden zijn die waarschijnlijk van Gauguin waren, maar ook drankflessen en parfumflesjes. Paul Gauguin had ook geslachtsziekte en in de put zijn 2 morfine ampullen gevonden. 

Vincent van Gogh overleed 29-Juli 1890 door verwonding met een kogel. 

Zoals eerder beschreven in het verhaaltje "bullit”, zou eventueel met geavanceerde grondradar het graf van van Gogh ook nog signalen van valse tanden kunnen opleveren. Tenzij ze natuurlijk alleen van porselein zijn. 

Peter Nagelkerke, juli 2012.